Overslaan en naar de inhoud gaan

Geschiedenis van het huis

In 1892 bepaalden Anna Maria van Cappellen en haar echtgenoot Johannes Nolen per testament om na hun overlijden op te richten en te vestigen “een weldadige stichting tot oprichting en instandhouding van een ouden mannen- en vrouwenhuis”. En zo werd eind negentiende eeuw het Van Cappellenhuis gesticht als “oude mannen- en vrouwenhuis” Daarmee was de opdracht in het testament van de naamgeefster van het gebouw, Anna Maria van Cappellen, uitgevoerd.

Na het overlijden van Anna Maria in 1893 en van Johannes in 1895, werden de bepalingen uit het testament ten uitvoer gebracht en in 1895 kwamen de bestuursleden – destijds genaamd regenten – van de Van Cappellen Stichting voor de eerste maal bijeen. Zo ging hun wens in vervulling een moderne woonvoorziening voor ouderen tot stand te brengen.

Het kapitaal waarmee de Van Cappellen Stichting het pand liet bouwen was afkomstig uit de erfenis van Pieter van Cappellen, een oom van Anna Maria van Cappellen. Pieter was in 1851-1852 raadslid van Capelle aan den IJssel en daarna tot zijn dood wethouder van deze gemeente. Zo is het Van Cappellenhuis vanaf haar begin niet alleen verbonden met de Van Cappellen Stichting en de gegoede burgerij maar ook met de gemeente Capelle aan den IJssel.

Eind negentiende eeuw ontwierp Augustinus Nolen, een broer van Johannes, het pand aan de dorpsstraat 164. De geraamde bouwkosten waren NLG 35.000,=. De architect meldde bij de indiening van zijn ontwerp dat hij, gezien het budget, rekening had gehouden met “den grootste eenvoud”. Dit betekende onder andere dat het gebouw details als glas-in- loodramen, gekleurde tegeltjes en gebeeldhouwde plafonds miste. Deze bouwelementen waren in die tijd wel gebruikelijk en werden ook gewaardeerd. Toch waren er opvallende onderdelen in het interieurontwerp, zoals een massief eiken voordeur met koperbeslag, een ruime vestibule en hal en een brede trap met balustrade.

In de negentiende eeuw grepen architecten graag terug op oudere, klassieke bouwvormen. Augustinus sloot zich bij deze trend aan. Het gebouw is ontworpen in de neorenaissancestijl.

Deze stijl wordt gekenmerkt door de bouw in baksteen, verdeeld door horizontale banden in contrasterende stenen en trapgevels. Ook de zadeldaken met dakkapellen en de bogen met natuurstenen sluitsteen zijn daar kenmerken van.

De Regentenkamer is geheel in de originele staat en behoort met de kostbare schilderijen, kunst, inventaris en inrichting tot de best bewaard gebleven regentenkamers in Nederland.

In de jaren zeventig van de vorige eeuw kwam er een einde aan het gebruik van het gebouw als “bejaardenhuis”. In 1979 nam de gemeente Capelle aan den IJssel het gebouw over en kreeg het een andere bestemming. De muziekschool vond er onderdak. Daarna stond het pand geruime tijd leeg. In die periode fungeerde het ook enige tijd als tijdelijke burgemeesterswoning. Uiteindelijk werd met veel moeite een oplossing voor het leegstaan van het pand gevonden. De gemeente en het bedrijf Maximum – de voorganger van Radancy – sloten een overeenkomst om het pand op te knappen en daarna nieuwe bestemmingen te geven.

Na een grondige renovatie is het Van Cappellenhuis vandaag weer een plek waar wordt gewerkt, maar waar ook genoten kan worden van kunst en cultuur. En waar bijzondere ontmoetingen kunnen plaatsvinden. Het bedrijf Radancy huurt een deel van het pand. In het andere deel is ruimte voor een galerie, trouwen, vergaderen, voorstellingen en concerten. Het gebouw en de prachtige tuin met uitzicht op de IJssel zijn openbaar toegankelijk tijdens kantooruren. Het Van Cappellenhuis is er voor iedereen in Capelle aan den IJssel en de wijde omgeving.

Voor meer informatie over de historie van het gebouw verwijzen wij u naar het boek “De geschiedenis van de Van Cappellen Stichting. Van behoeftigen bejaarden naar algemene belangen”, verkrijgbaar bij de Historische Vereniging Capelle aan den IJssel: info@hvc-capelle.nl.